Onderzoekscoördinator
Technologie voor sociale innovatie - gezondheidszorg
Afdeling Buitengewone Zaken is een ontwerpbureau dat complexe maatschappelijke vraagstukken onderzoekt en verheldert. Het bureau heeft subsidie gekregen van de provincie Overijssel om het zelforganiserend vermogen van dak- en/of thuisloze jongeren te verbeteren. Voor mijn scriptie heb ik me gericht op dit project.
Uit mijn eerste literatuuronderzoek en veldonderzoek waarbij ik verschillende organisaties heb gesproken is gebleken dat jongeren vaak hulp weigeren. Om de situatie vanuit het perspectief van de doelgroep te begrijpen, wil ik onderzoeken hoe het proces er voor de dak- en/of thuisloze jongeren zelf uitziet. Dit vanaf het moment dat ze (dreigen) op straat te komen tot het moment dat ze weer een huis hebben. Aangezien het eerdere onderzoek aantoonde dat veel jongeren hulp weigeren wil ik hier extra op inzoomen en meer over te weten komen.
Om kandidaten te vinden, heb ik mijn eigen
netwerk en dat van A/BZ doorzocht en organisaties benaderd waar ik eerder mee gesproken had. Het vinden van respondenten
die (ex) dak- en/of thuisloos
zijn geweest bleek een uitdaging.
Hulporganisaties willen liever
geen thuislozen die nog geen
eigen plek hebben in gesprek
laten gaan over hun ervaringen.
Dit kan lastig voor hen zijn omdat ze nog kwetsbaar zijn. Oudere
daklozen die op straat te
vinden zijn vallen niet binnen
mijn doelgroep en maken veel
minder gebruik van een mobiele
telefoon. Hoe heb ik toch
respondenten gevonden?
Tijdens het onderzoek groeide de populariteit van de Amigos-app snel. Dit platform stelt gebruikers
in staat om afspraken te maken met anderen die op zoek zijn naar sociaal contact en samen
activiteiten te ondernemen. Ik heb daarom een oproep geplaatst op Amigos om respondenten te vinden
die wilden praten over hun ervaringen van dreigende dak en/of thuisloosheid. Door
mijn oproep op Amigos
heb ik 10
Zwollenaren gevonden die
geïnteresseerd waren om met
mij een gesprek aan te gaan
over hun verleden waarin ze
dak- of thuisloos zijn geweest.
Dit zonder dat er enige beloning
tegen over stond naast een
gratis bakje koffie.
Aangezien we met elkaar gaan praten over een gevoelig onderwerp heb ik ervoor gekozen om gebruik te maken van een conversation piece waarbij de leiding van het gesprek voornamelijk bij de respondent ligt. Zelf vult diegene zijn/haar hele reis in door kaartjes te verplaatsen en in te vullen. Het opnemen van het gesprek kan mogelijk leiden tot het verzwijgen of niet willen delen van informatie. Daarom wil ik het gesprek niet opnemen om ook de privacy van de respondent te respecteren. Daarom is dit een ideale manier om alle data vast te leggen en achteraf met elkaar terug te kijken naar momenten in het verleden en hier opnieuw over te praten zonder dat ik het overzicht verlies.
Tijdens de interviews waarbij ik gebruik maak van een conversation piece wil ik het
gehele proces in kaart brengen dat (ex) dak-
en/of thuislozen hebben doorgemaakt. Hierbij leg ik de focus op 3 verschillende
tijdsmomenten. Het verleden, voordat diegene dreigend dakloos werd, het proces van op straat staan tot het vinden van een thuis, en de toekomst nu ze een thuis hebben. Hieronder zal ik meer informatie geven over deze tijdsmomenten.
Het is belangrijk om inzicht te krijgen in de achtergrond van iemand die dakloos is geworden. Wat waren de omstandigheden of gebeurtenissen die hebben bijgedragen aan zijn/haar dreigende dakloosheid? Kijkend naar sociale, economische en persoonlijke factoren.
Er zijn verschillende vragen die in mij opkomen, zoals wanneer en hoe iemand dakloos is geworden, hoe hij/zij zijn/haar leven weer heeft opgebouwd, wie hem/haar hierbij heeft geholpen, waar hij/zij hulp heeft gekregen en hoe lang de wachttijd was. Ook wil ik weten hoeveel begeleiders de persoon heeft gehad en wanneer hij/zij uiteindelijk weer een eigen huis heeft gekregen.
Nu de persoon weer een thuis heeft, wil ik graag weten wat zijn/haar dromen en verwachtingen zijn voor de komende jaren en hoe hij/zij deze hoopt te bereiken.
Tijdens dit onderzoek ligt de focus op het ontdekken van de dieper liggende gevoelens en gedachten die bij het dak- en/of thuisloos worden kwamen kijken. Nadat we het gehele proces hebben besproken, gaan we samen kijken naar wanneer er een hulpvraag was en hoe de hulpervaring is geweest.
Uit een vorig onderzoek is gebleken dat het voor deze doelgroep lastig kan zijn om over hun gevoelens te praten. Om hierbij te helpen, heb ik emoji-stickers die kunnen worden opgeplakt wanneer er bijvoorbeeld sprake was van boosheid, blijdschap, verdriet of een andere emotie.
De gesprekken vinden plaats op een locatie waar de respondenten zich op hun gemak voelen. Voor de een is dit buiten weg van hun privé leven. Denk hierbij aan een park of een café en voor de ander is dit binnen in hun studeerkamer.
Na het afronden van de interviews, heb ik alle resultaten en uitspraken in Miro geplaatst. Dit online whiteboard geeft mij de mogelijkheid om visueel en interactief de gegevens te analyseren. Ik ben begonnen met het categoriseren van de verschillende thema's die uit de gesprekken naar voren kwamen. Vervolgens heb ik gekeken naar patronen en verbanden tussen deze thema's.
Het onderzoek toont aan dat drie van de vier geïnterviewde dak- en/of thuisloze jongeren zorg hebben vermeden, hoewel ze wel hulp hebben gezocht. Er kwamen drie thema's naar voren; de behoefte aan onafhankelijkheid en vrijheid, een negatief beeld van opvangfaciliteiten en de onoverzichtelijkheid van het hulpaanbod. Deze thema's kwamen niet alleen naar voren uit de gesprekken met de jongeren, maar ook uit de eerder gevoerde gesprekken met hulpverleners en het literatuuronderzoek.
Een interessante bevinding uit het onderzoek is dat dak- en/of thuisloze jongeren op twee momenten in het proces behoefte hebben aan hulp: op het 'point of no return', wanneer er geen andere opties meer zijn, en wanneer ze net op straat terecht zijn gekomen en hard op zoek zijn naar een oplossing. Deze inzichten kunnen bijdragen aan het verbeteren van het hulpaanbod en het verhogen van de toegankelijkheid van passende hulp voor dak- en/of thuisloze jongeren.
Dankzij het meetinstrument ‘de reis naar huis’, voelde het gesprek als een ontdekkingsreis samen, hierdoor deelde jongeren hun motivaties en gedachtes. Om de betrouwbaarheid van het onderzoek te waarborgen, heb ik rekening gehouden met het feit dat twee respondenten niet meer dak- en/of thuisloos zijn. Bij de analyse van de gegevens heb ik daarom rekening gehouden met de mogelijkheid dat de informatie van deze respondenten verouderd kan zijn.